Vacanties

In deze jaren gingen we zomers toch op vakantie blijkt uit foto's en films. Denekamp en Voorthuizen waren al in de jaren '40 al het reisdoel. De Veluwe was tot halverwege de jaren '50 reisdoel. In een strenge winter werd in Hoorn geschaatst, later ook op het Merwedekanaal.

Mijn moeder op het trapje van een 'woonwagen' en de hond Kitty in juni 1942. In WO II en toch op vakantie!! Op de rechter foto Jan en Wies, senior en ik 1947? De Toko onder:

mavoorthsvacJanWies345x232shkl
IJsvTokos
VrthzKropIJsvogel1345x217shklIJsvogel2345x224shkl

Een aquarel van Krop jr. Vader Krop werkte op de tekenkamer van de PUEM en zoon Krop werd later tekenleraar en woonde tijdens zijn opleiding bij de fam. Nieuwenhuizen in Voorburg.

De meeste 'herinneringen' worden toch ontleend aan de foto's en films (nu op DVD). De eerste betrouwbare eigen herinneringen zijn die waarvan geen opnamen zijn, zoals de diverse huisjes waar we in Voorthuizen logeerden. Niet te vergeten de avonturen: SR en de Kroppen maakten overdag maskers met lampjes die dan 's-avonds in het bos 'uitgeprobeerd' werden op voorbijgangers: altijd een gillend succes. Ook het eten bij de IJsvogel: lange houten tafels en banken met emaille schalen aardappels die door werden gegeven langs de tafel. Van de Woude hield vanaf het podium altijd een soort toespraak voor en na het eten. Waar het over ging weet ik niet meer. Wel het zwemmen in het Haneschoter gat, tegenwoordig langs de snelweg Aanschoten genaamd en de helft is gedempt. Van de film en foto is de herinnering aan de ontmoeting met de fam. Nieuwenhuizen. Eerst op mijn zesde jaar en later van die foto met Han en Martin en zijn pa die een band aan het plakken is! Op het radiostation Kootwijk in 1996 komen we elkaar weer tegen, maar wij ontdekken die gemeenschappelijke herinnering pas in 2005. In 2010 vind ik 2 ansichtkaarten van de IJsvogel met hetzelfde trapje en de eetzaal!! De spreuk boven het podium: Seavis Tranquillus in Undis: Rustig temidden der woedende baren! WOII tijd?

Dan zijn er nog die uitjes naar Volendam: botteren met de familie Kwakman (1949 en 1952) of met bv. Krop naar Katwijk (1951), met de fam. van Deijl sleeën, naar tante Mag in Oosterbeek (op de fiets of met de trein). Dichter bij huis: kanoën in Bilthoven of roeien in Breukelerveen. Of fietsen naar Maartensdijk (trafohuisje) of naar Driebergen (Schakelstation). Een feest was het als we samen (Han en ik) alleen op de fiets naar Amsterdam mochten. Dat ging eerst langs de Vecht en vanaf Vinkeveen het fietspad langs de snelweg naar Oma Versteeg in de Michel Angelostraat, daar waar ik voor het eerst een koelkast en een Alfa Romeo zag!
Vergeet ook het schaatsen in feb. '56 niet op het Merwedekanaal, die film staat nu op DVD. In 1956 ging ik op kamp met de fraters (Han en Gerard mochten ook mee: dat bleek achteraf het Grote Bos te zijn geweest!).

Daarna ga ik ook samen met vriendjes op stap: het Grote Bos en zeilen: Sneek, de Kagerplassen en Alkmaar..

De Ford Consul
In 1956 kwam er een nieuwe -tweedehands dus- auto, gekocht bij de fa. Kooij, Soest. Een Ford Consul RD-42-66, foto links is genomen in Het Grote Bos in Doorn. Die zomer gingen we kamperen op Rabbit Hill met de familie van der Stad. Proefkamperen voor volgend jaar? C.v.d. Stad -was stedebouwkundige- (Thijsselaan 47) en Els Julien was toen al 15, ik was 12. Later met Han samen naar Tuindorp fietsen!
Han en ik hebben tijdens een vakantie in de IJsvogel te Voorthuizen met een stel meiden (Reinders?) een blikken doos dennekoeken gepikt; in het bos begraven en elke dag erheen om te smullen. Han wist dat op de 1e Broerendag in 2000 ook nog.

In 1957 zijn we dan met zijn vijven naar Oostenrijk geweest. Han, Bert, ik, mijn vader en hun moeder. Met een zware tent van de legerdump en alle bagage erin. Lid van de ANWB, routeklappers, kaarten etc. Onderweg zwaaien naar andere Hollanders, die ook op avontuur waren. Naar de boerderij van Herr Gritsch in Sölden (Infang 121) . Alleen was dat voor een Engelse auto volbeladen een beetje veel: uitstappen en meeduwen, dan ging het net. De tent in het bos op de helling, voorbij die grote haan die altijd probeerde je achter in je been te pikken. Bij de boer eten. Knödeln (broodballen) en een soort pannekoek met bosbessen of zo herinner ik me daar nog van. Van grote glazen bier wisten we toen nog niet, flessen Riedel was toen het wonder denk ik. Wandelen naar de gletschers boven. Verderop het dal in kon niet met de eigen auto, dan moest je met een jeep verder evt. achterin het aanhangertje: Ober- en Untergurgl. We hebben daar nog eens een auto in de brand zien staan: alles stond stil. Een heel avontuur in die tijd dacht ik zo.

De laatste ouderlijke vacanties zijn die naar de Zuursche Duinen in Roden (1958) met mijn moeder en oom Henk, met mijn vader bezocht ik de Wereldtentoonstelling in Brussel in 1958 en tenslotte naar Venetië (1960) met mijn vader en tante Ger.
 

kanoBilths

Zo gingen ze met de foto's om na de scheiding!

consul3ss
ZrseDnns
venet1960170x114shkl
Vacanties